Hét instituut voor praktijkgericht onderzoek

Onderzoekslijnen: Master Onderwijskunde

Academic Board-lid Prof. dr. Martin Mulder
Lector Dr. Martijn van Schaik
Onderzoeksgebied Onderwijs & Pedagogiek
 

Onderzoekslijnen

Hieronder vindt u de link naar de onderzoekslijnen behorende bij de Masteropleiding. De onderzoekslijnen geven inhoudelijk richting aan het praktijkonderzoek dat wordt uitgevoerd, voornamelijk in de afstudeerfase. Bij een Masteropleiding met specialisatie worden de onderzoekslijnen van de initiële opleiding aangehouden. De doelstelling en de centrale onderzoeksvraag van de eindscriptie dienen aan te sluiten bij een van de onderzoekslijnen van de gevolgde Masteropleiding. Vragen over aansluiting van uw onderzoek bij een onderzoekslijn stelt u aan uw begeleider. 

Klik op één van de onderstaande onderzoekslijnen voor meer informatie


Onderzoekslijn: Lerende centraal

 

Als iPads, tablets, apps, games en social media individueler leren mogelijk en aantrekkelijk maken, hoe implementeren we deze nieuwe technologieën in het onderwijs? Hoe kunnen deze nieuwe technologieën de ontwikkeling van personeel stimuleren? Hoe laten we dan het individueel leren aansluiten bij het collectief (de groep, het team, de organisatie)? Hoe ontwikkelen we dan de vaardigheden voor het leren op die manier?
 



Onderzoekslijn: Duurzaam en flexibel curriculum

 

Als medewerkers flexibel en breed inzetbaar moeten zijn, zich moeten blijven ontwikkelen, niet op één vaste plek werken en kennis gedeeld moet worden en praktisch bruikbaar moet zijn, hoe verwerven lerenden dan relevante kennis? Hoe verbinden we dan de verschillende contexten waarin geleerd wordt? Hoe wordt opgedane kennis dan gedeeld onder individuen en groepen? Hoe behouden we dan het ‘collectief’ geheugen?Hoe wordt het ontwikkelen van individu en collectief duurzaam?
 


Als innovaties en interventies ‘evidence-based’ en duurzaam en onderwijs en scholing opbrengst- en resultaatgericht moeten zijn, maar cijfers alleen niet voldoende zeggingskracht hebben voor de praktijk en de praktijk complex is, welke ‘evidence’ is dan overtuigend? Over welke opbrengsten hebben we het dan voor individu en collectief? Hoe verzamelen we die evidence dan? Hoe voorkomen we dan dat het middel (meten) het doel wordt?